Van Donge & de Roo Masters
De saaie biljarters van toen rijden nu een scheve schaats. De arena van de Masters in Berlicum, waar om de Nederlandse titel driebanden werd gespeeld, was deze dagen omgetoverd tot het Thialf van het zuiden. Harde rockmuziek en rookslingers kondigden de biljarters aan voor de partijen, de volle tribunes klapten mee op het ritme van de beat. Dick Jaspers kwam op met Emerson, Lake & Palmer, Raimond Burgman met James Bond en Erwin Kivits met het clublied van PSV. De beelden van zingende en dansende supporters (’’Brabantse nachten zijn lang’’) maakten kijkers uit andere landen jaloers.
De Masters hebben in een paar jaar tijd het biljarten een cultuuromslag bezorgd. Twee joviale Brabanders, Harry Mathijssen en Ad Smout, hebben de vergrijsde sport een nieuwe boost gegeven. Wie weet nog hoe het pakweg tien jaar geleden was toen de Masters op sterven na dood waren. De tv kwam langs met een kritische reporter, bracht twee in slaap gevallen bejaarden vol in beeld en draaide ’Waarheen, waarvoor’ van Mieke Telkamp als achtergrond. De biljartwereld sprak er schande van, maar het heeft wel vele ogen geopend. ,,We gaan eens laten zien hoe het echt moet zijn…’’, riep Harry Mathijssen op een sombere dag van evalueren. Weg met die beklemmende stiltes, het kleffe sfeertje, de lege stoelen en de koffie met cake in het dorpszaaltje. Juichen, muziek, volle tribunes, klappen voor een mooie bal, dat willen we zien. De Masters, en later de World Cups, hebben de wake-up call ingezet en zijn trendsetters geworden.
Kijk nu maar eens hoe de Masters zich presenteerden deze week. Het zag eruit als het Thialf, alleen nog geen dweilband en een arrenslee voor de winnaar. Die ene notoire klager op Kozoom schreef: ,,Wat een Hollandse kneuterigheid met die arbiters die high-fives doen met spelers in de arena.’’ Het hoort bij de Masters, bij de hele entourage en de geweldige sfeer, repliceerde Christel van Reekum, baas van de arbiters. En Dick Jaspers, de multi-kampioen, verzekerde in de dagen van de finales: ,,We zijn in een heel andere wereld terecht gekomen. Ik vind het mooi zoals het hier gebeurt. Het moet niet gaan overheersen en je het zo op een WK natuurlijk niet doen, want biljarten is een prachtige concentratiesport. Maar de nieuwe sfeer hoort typisch bij de Masters. We zijn allemaal wakker geschud.’’
De jonge fanclub van Jean van Erp, vaak ook de aanhang van de Haagse tovenaar Jeffrey Jorissen, Adrie Demming improviseerde met zijn gitaar zijn mooie opkomst, het ’O, o Den Haag’ en het ’Rood wit bloed, rood wit hart, wij zijn Eindhoven’, klonk voor de partijen. De biljarters zijn eraan gewend, de toeschouwers willen niets anders meer. De Masters zijn gered van de ondergang. Harry Mathijssen kreeg er zondagmiddag een onderscheiding voor van de KNBB. Toegejuicht in het Thialf van het zuiden.
Bron:KNBB